Deze kast vertegenwoordigt ongeveer een derde van mijn muziekverzameling. Ongeveer, want ik ben niet zo ordelijk dat ik precies alle aantallen weet van alle singles, elpees, cd’s, 78-toeren, cassettebandjes, minidisks, mp3s en dvd’s die ik in de afgelopen jaren heb vergaard. Verspreid door het huis staan nog enkele deelverzamelingen, waarvan hier ook enkele voorbeelden.
Het echte verzamelen begon voor mij pas begin jaren 90, hoewel ik daarvóór een fanatieke home-taper van elpees van vriendjes en van radioprogramma’s was, wat ruim 400 cassettebandjes opleverde, die ik nu voor een deel heb gedigitaliseerd en voor een deel… helaas… In de jaren 90 puilden de rommelmarkten, kringloopwinkels en tweedehands platenzaken uit van de elpees voor een gulden per stuk, afkomstig van mensen die vrij resoluut overschakelden op cd’s. Toen was er nog behoorlijk veel voor bijna niets te vinden.
Naast het kopen van de albums waar ik in mijn tienertijd het geld niet voor had en de basispakketjes van klassiekers in elk genre heb ik nog wat leuke subverzamelingetjes, die ik hier wel wil vermelden.
Hoewel ik hier en daar, nieuwsgierig van aard altijd al wat minder gangbaar materiaal meepakte ben ik 10 jaar geleden, vooral aangemoedigd door de sharity-sites ook ‘rariteiten’ gaan verzamelen. Vanwege mijn eigen verleden als combolid van een jongerenkoor heb ik altijd een zwak gehouden voor in eigen beheer uitgegeven jongerenkoorwerk van rond de jaren zeventig en van daaruit belandde ik in een genre dat ik samen met Frits Jonker neder-reli curiosa ben gaan noemen: de zingende zusjes, -paters (Wim Sonneveld’s parodie Frater Venantius kwam niet zomaar uit de lucht vallen), virtuoos hammondorgelspel met stichtelijke zang, bekeerdriftige hippiezang waarin juist fel van leer werd getrokken tegen de sexuele revolutie en de vrouwenemancipatie en vele vele anderen. Sowieso ben ik automatisch geïnteresseerd in Nederlandse eigen-beheer-platen, reclameplaatjes, etc.
Dan is er nog een categorie verkracht klassiek. Ik kan eigenlijk niet goed uitleggen waarom ik dat ben gaan verzamelen. Er waren mensen die bekende klassieke muziek best op een leuke manier in een nieuw jasje stopten, zoals Ekseption, Raymond Guiot, Tomita, the Cambridge Buskers, Walter Carlos etc.. en aan de andere kant vind je dan de Hooked on Classsics-serie van Louis Clarck: aan elkaar geregen en doodgespeelde themaatjes met een boem-klapje eronder. Alles wat tussen die twee uitersten zit kun je ook in mijn verzameling vinden. Vaak is het echter “zó slecht is, dat het weer goed is”. Analoog hieraan heb ik ook een afdeling verkrachte popmuziek. Sommige symfonieorkesten kunnen bijvoorbeeld hun poten weer niet van popmuziek afhouden, maar er zijn ook mensen geweest die dat wat meer smaakvol hebben gedaan zoals Cathy Berberian. Deze dame vertegenwoordigt weer een subcategorie binnen verkrachte popmuziek. Het leek me op zeker ogenblik wel leuk om Beatles-bewerkingen te gaan verzamelen. Na een aantal jaren hield ik daar ook weer mee op: er is té veel en ook té veel dat volstrekt oninteressant is om naar te luisteren, maar wat ik inmiddels heb vergaard en goed bevonden blijft in de kast, want je weet nooit of ik het nog eens kan “gebruiken” in een podcast, re-mix of ander project.
Bovendien is het erg moeilijk om afstand te doen van vinyl (hoewel ik af en toe wel wat uitdun), soms alleen al vanwege de hoezen. Hiermee ben ik meteen beland ben bij de laatste reden waarom ik van tijd tot tijd elpees “red” van de kringloopwinkel: de hoezenpoezen.
Jan Turkenburg
www.splogman.com





Recente reacties