Zing! went the strings of my heart… mijn hart sloeg eenmaal heel kort over. Op de radio klonk She Loves You, Yeah, Yeah, Yeah. Ik zat bij mijn moeder op schoot toen zij voor het eerst het fabuleuze viertal op de radio hoorde. Zachtjes drukte ze mij iets dichter tegen haar wollige borst aan. Misschien is het toen wel allemaal begonnen. De liefde voor muziek die zou uitgroeien tot een monster dat zich koestert in mijn ziel en dat er niet meer uit wil.
Muzikaal werd ik wakker op het moment dat Woodstock achter de rug was en de Beatles net uit elkaar gingen. Samen met mijn zusje speelde ik de hitparade na met alle plaatjes die we hadden. De ene week stond Ken Je Dat Land van Boudewijn de Groot op nummer éen, de andere Lola van The Kinks. Als microfoon deed de bureaulamp uitstekend dienst. Ik hoorde op de van mijn oma gekregen buizenradio The Ballroom Blitz van Sweet en zag op de televisie de extravagante David Bowie en Slade. De muren van mijn kamer hingen vol met minuscule plaatjes van popartiesten die ik wekelijks met veel geduld uit de Avro-gids van de week ervoor knipte. In de brugklas kreeg ik van mijn klasgenoten Sgt. Pepper’s Lonely Hearts Club Band. Wat zou er van mij zijn geworden als ik eenmaal vierenzestig ben?
Ik ben op zolder en zoek naar geschikte nummers voor een compilatie van liedjes over ontluikende liefde. Ik weet het, er zijn er zo ontzettend veel. Maar ik geef mij niet snel gewonnen. Rondom mij bevinden zich minstens 200.000 songs op vele duizenden lp’s, cd’s en tapes. In dertig jaar tijd bij elkaar gekocht. De balken die de verzameling audiodragers torsen zijn gelukkig vier duimen dik en toch zeker wel drie handen breed. Ons huis staat nog altijd fier overeind schouder aan schouder in een statige rij. Dat stelt mij enigszins gerust. Toch heb ik een soort haat-liefde verhouding met mijn platenverzameling. Het is een soort ongeneeslijke ziekte. Boudewijn Büch zei hierover ooit het volgende: ‘als je verslaafd bent aan alcohol of drugs kun je overal in dit land naar speciale klinieken, maar ben je verslaafd aan boeken en muziek dan kun je helemaal nergens terecht’.
Je bent veroordeeld om je leven voor een deel door te brengen in boekwinkeltjes en platenzaken. De ‘muziekte’ is bovendien zeer hardnekkig en een vorm van dwangmatig gedrag die niet snel overwaait. Er is altijd meer en hoewel misschien wel meer van hetzelfde maar dan minder, er moet beweging in blijven. Er moet ook een element van frustratie in zitten. Je kunt niet alles hebben, maar hoe dichter je bij je droom komt des te vuriger wordt de wens maar die ene plaat, dat hele mooie 45-toerenplaatje of dat onbekende nummer van The Beatles.
In de Verenigde Staten woont een man die zich in een zeer ver gevorderd stadium van de ‘muziekte’ heeft bevonden. Hij heet Paul Mawhinney. Zijn collectie omvatte 3.000.000 items. Ooit stelde zijn vrouw hem een ultimatum: De platen eruit of ik zoek een andere vent. Met zestigduizend lp’s verhuisde Paul naar een leegstaand winkelpand en ging onverdroten verder. De gehele Amerikaanse muziekgeschiedenis kon je er vinden. Van oude Edison rolls tot Super Audiodiscs en mp3’s. Alles keurig ingedeeld en gecategoriseerd. Van iedere nieuwe titel die hij verkocht kwam er eentje in de bibliotheek terecht. Na het werk ging hij even naar huis om te eten. Dat ging jaren goed, hij bouwde nog een magazijn achter de zaak, maar langzamerhand nam zijn gezichtsvermogen af. Hij kon de catalogus amper nog bijhouden en begon na te denken over de toekomst.
Toen was het moment gekomen. Hij zette de gehele verzameling te koop op Ebay met een startbod van 3.000.000 dollar. Er kwam al snel een bod, maar dat was veel te laag. Wie moest in vredesnaam zijn megaverzameling kopen? Ik probeerde mij in te leven in zijn situatie. Wat zou ik gedaan hebben? Uiteindelijk werd alles opgekocht door een vermogende Ier. Ik weet niet meer of het nu Bono was of The Edge, maar ergens in Ierland bevindt zich nu een goudmijn.
Als ik het geld had gehad dan zou ik mij ook niet lang bedacht hebben. Ik had alles keurig over laten vliegen. Ik huurde een groot bedrijfspand in Deventer zonder al te veel ramen en bouwde er genoeg kasten in om nog vele jaren vooruit te kunnen. Ik liet alles goed verzekeren en er kwam een groot hoog hek omheen, als bij een begraafplaats. Boven de poort zou ik in sierlijke letters ‘Musicamore’ laten zetten, met als ondertitel ‘rustplaats voor muziek’.
Langzamerhand zouden de mensen mij vergeten. Op de dag dat ik vierenzestig jaar word, sluit ik de poort en vertrek naar mijn droombestemming Polynesië. Ik vlieg door talloze regenbuien en enorme wolkenmassa’s. Dan duikt het toestel omlaag voor een perfecte landing op Tahiti. Als ik bijgekomen ben van de vlucht loop ik naar het parelwitte strand. Daar vind ik een grote schelp. Ik raap hem op en houd hem tegen mijn oor. Dan sluit ik mijn ogen. Het is mooi geweest.
Ruud Verkerk







mooi stukje! hier is het filmpje van die paul mawhinney http://vimeo.com/1546186
Dank, ik heb de link naar het filmpje ingevoegd in de tekst.
Social comments and analytics for this post…
This post was mentioned on Twitter by platenkasten: [Platenkasten.nl] Verzamelwoede http://bit.ly/af06Wd…
Mooie collectie, heel indrukwekkend!! Ook erg veel muziekboeken zo te zien.
Wat betreft die ebay veiling, het bleek een vals bod. De Ierse bieder heeft nooit betaald. Ik weet niet wat er met de collectie van Paul Mawhinney gebeurt is, maar volgens mij is de collectie nog steeds niet verkocht.
Dit ziet er paradijslijk uit. Veel, heel veel. Ik maar denken dat ik veel heb.
Heb je de helft al gedraaid?
[...] hele verhaal (plus foto’s van Ruuds verzameling) staat ook op Platenkasten.nl. Rubriek: Gesignaleerd | Tags: citaat, Lectuur, [...]